woensdag 19 december 2012
Passie in de polder
Op verzoek voor stervelingen van buiten Broekpolder; hierbij mijn column ook op mijn blog.
Sinds ik in de Broekpolder ben komen wonen, kan ik nog steeds niet zeggen dat ik mijn draai hier helemaal heb gevonden. Mijn heimwee komt voort uit het gemis van mijn vaste winkelrondje. Architectonisch ziet het er leuk uit hoor, die Citadel. Maar zelfs met de minimarkt op zaterdag blijft het pleintje maar kaal aandoen.
De enige waar ik trouw eéé keer in de zes weken terugkom is de kapper. Ik duik dan met de nieuwste tijdschriften in de kappersstoel en kom er na een uur of twee met een kort koppie, een nieuw kleurtje en een ontspannen hoofd en nek (ja, je krijgt namelijk ook een kleine massage) weer uit. Ik 'like' mijn kapper. En dus ben ik nu via Facebook altijd op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen.
Deze week stuurden ze me het aanbod voor dit najaar: vanaf vandaag kan ik bij de kapper niet alleen terecht voor het knippen van mijn haar. Nee, ik kan het nu met wortel en al laten uitrukken. De locatie van de overtollige bossen is geheel aan de klant. Bovenlip, rug, of jawel... de bikinilijn, de Bermudadriehoek, of zelfs de hele handel. Mijn kapper pakt het grondig aan.
Dus kun je met je wollige dotje opdraven en je bij een lekker kopje koffie of thee vervolgens laten strippen met een plak warme wax. 'AAAAUUW!!!!' Kaal en naakt sta je binnen no-time weer buiten. En dat met het winterseizoen voor de deur.
Als kapsalon INKX iets aanpakt, kun je er zeker van zijn dat het een succes wordt. Dus bedenk maar eens wat dat gaat betekenen deze winter: grote getale rillerige dames in de polder. En combineer dat met het enorme succes van dé huisvrouwenroman van 2012: Vijftig tinten grijs! Dat wordt straks Passie in de Polder. Het gezondheidscentrum kan zich maar het beste gaan opmaken voor een nieuwe 'babyboom'. September 2013 is het zover. Hopelijk spelen 'potentiële winkeliers er ook op in!
Labels:
10,
babyboom,
column,
facebook,
halftien,
helemaalhalftien,
inkx,
kapper,
ontharen,
passie in de polder,
tien,
vijftig tinten grijs
woensdag 7 november 2012
Tien houdt huis
Onze huishouding verslonst. Laat ik het maar eerlijk toegeven.
Twee onopgevoede verharende katten, twee peuters met een berg energie en een karrenvracht aan speelgoed, een man vol poetsvlijt maar met een overvolle agenda en een enorme verzameling aan rommel, en natuurlijk ikzelf: gezellig en gastvrij, maar slordig, chaotisch, super impulsief en met een vierdaagse werkweek. Aangenaam kennis met ons te maken!
Een nieuwbouwhuis met drie verdiepingen zou ons gelukkig plek genoeg gaan bieden voor dit huishouden van Jan Steen met ‘benefits’, zou je denken. Nou, vergeet het maar. Natuurlijk bezitten we simpelweg veel te veel onnodige troep – al minstens twee keer meeverhuisd en nog steeds in dozen - maar daar afstand van doen…? Nee! Je weet tenslotte nooit wanneer iets nog eens van pas kan komen. En dan heb ik het nog niet eens over al die aanklevende herinneringen. No way!
Ondertussen stapelt de was zich hoger en hoger op, hebben de katten de deurmat onherstelbaar ondergepist, puilt de schuur uit, tovert het najaarszonnetje een palet aan vette kinderhandjes op de ramen en is de badkamer dof van de kalkafzet. Ik heb lang gedacht dat het allemaal wel rustiger zou worden, dat de schema’s die we opstelden ervoor zouden zorgen dat er meer structuur in huis zou komen, zodat we gewoon een paar weekenden even de schouders eronder moesten zetten en weer ‘bij’ zouden zijn.
Who am I kidding? Het gaat niet gebeuren. Het zit er namelijk gewoon niet in. Niet in mij en niet in mijn man. Wij zijn rommelkonten pur sang. Ongeschikt voor de huishouding. Af en toe denk ik dat mijn jongens er wel mee gezegend zijn, maar eer die groot genoeg zijn om ons achterstallige onderhoud weg te werken… Laatst ontdekte ik een klein legertje nieuwe huisdieren: zilvervisjes. Dat was de druppel. Ik neemt een hulp!
Labels:
10,
halftien,
helemaalhalftien,
huishouding,
hulp,
katten,
peuters,
tien,
troep
dinsdag 29 mei 2012
De vlam erin (part II)
Daar lag ie dan. Te pronken op de eettafel. De tweede editie van de buurtkrant, met op de achterpagina levensgroot mijn eigen column. Alsof ik 'm voor het eerst zag, heb ik hem bekeken, gelezen en besnuffeld (meerdere malen). Trots als een pauw duwde ik mijn 'kindje' tegen wil en dank bij alle bezoekers onder de neus. En diverse buren maakten - welgemeend of gewoon beleefd - een aardige opmerking over de inhoud of over mijn portret.
Toen het weer dit weekend danook ruimschoots boven de 15 graden uitsteeg (wat heet, ik heb zelfs de 22 voorbij zien komen), ontkwam ik er natuurlijk niet aan: ik moest gevolg geven aan de insteek van de column en aantonen dat de barbecue werkelijk hèt ultieme bindmiddel tussen buren is.
Dus ging zaterdagavond een portie Afrikaanse burgers mèt couscous over het muurtje. Wat denk je? Spontaan werd een portie bbq-worst teruggeserveerd. Daarom togen we zondag bij tropische temperaturen met de hele familie naar de Oosterse markt om de laatste portie sardines op te kopen. En je gelooft het nooit, maar spontaan ontstond er aan het eind van de middag een bijzonder gezellig eetfeestje in onze tuin.
De hoofdrolspelers: 7 volwassenen en 7 kinderen en een bbq
De ingrediënten:
De hoofdrolspelers: 7 volwassenen en 7 kinderen en een bbq
De ingrediënten:
- sardines met sinaasappelmarinade op een bedje van rucola
- Broodje Čivabčiči met room
- Gamba's à la plancha
- brood met kruidenboter en humus
- Koud bier
- Koude wijn
- Water
- Limonade
Gisteravond hielden wij het simpel, met de oosterse kip (overgebleven op zondag, maar wel vast geroosterd) op een frisse salade. Maar ineens hoorde ik mijn naam en stak de hand van de buurman me een schaaltje gamba's toe.
Jazeker, bbq is een uitstekend bindmiddel.
En oh...heb ik je lekker gemaakt? Ik stuur je ons recept voor de sardines en de humus graag toe. Voor de andere gerechten moet je bij onze buren zijn. Je bent welkom vanaf 15 graden.
Labels:
barbecue,
bbq,
broekpolder,
buren,
column,
eten,
halftien,
heemskerk,
helemaalhalftien,
recepten
Locatie:
Vlaskamp, 1967 Heemskerk, Nederland
woensdag 2 mei 2012
Shit!
Eindelijk, het is weer lente. Met mijn warme croissant en een schuimige cappuccino warm ik me aan de prille lentestralen over de Vlaskamp. Ik geniet van het aanbreken van de dag. Ik geniet van mijn plekje aan het park… tot de eerste gasten zich aandienen. In alle soorten en maten betreden ze het frisse prille groen voor een ochtendboodschap: van een gigantische Sint Bernard, tot een mini Chiwawa en alles wat er tussenzit. Langzaam zie ik ze door de knieën zakken en midden op het pad hun warme bolus droppen. Terwijl de damp van mijn cappuccino stijgt, is de eetlust mij vergaan.
Een paar uur later: de temperatuur loopt op en mijn oudste van drie wil – hoe kan het ook anders met dit mooie weer – buitenspelen. Het prachtige voetbalveld ligt praktisch voor de deur en lonkt. Dus met zijn nieuwe Ajaxbal gaan we op pad. We slalommen tussen de verse en opgedroogde drollen tot bij de speeltoestellen als mijn ventje van drie turven hoog ineens bijna omver wordt gelopen door twee viervoeters op zijn ooghoogte. Hij zet het op een gillen en weet niet waar hij het zoeken moet van angst. ‘Ze doen niets hoor!’, zegt het opgedirkte bazinnetje. Als ik vriendelijk verwijs naar de ervoor bestemde losloopplaats haalt ze haar schouders op en sjokt al bellend achter haar stel jonge honden aan.
Allang blij dat de beesten op afstand zijn, neemt mijn kleine man een sprintje naar de wip en floep, daar ligt hij op zijn kont. Stront aan de knikker, da’s duidelijk! Ik snel naar hem toe en walg van het aangezicht: van zijn schoen tot zijn dij loopt een vers bruin spoor over zijn broek en het komt niet uit zijn luier. Een tranendal volgt; nog niet eens vanwege de poep aan zijn kleren, maar omdat hij nu nog steeds niet kan voetballen.
En terwijl ik in huis na de ‘verschoning’ alsnog een bakje troost overweeg, krijgen de poes en ik de schrik van ons leven als er ineens een teckel luid keffend ons huis binnendringt. Kat in de gordijnen, kind weer janken. En dan verliest moeder haar zelfbeheersing. Terwijl de zon schijnt en de eerste voorjaarsvogels fluiten kef ik tegen zijn geschrokken baasje: ‘Houd toch je schijthond bij je!!!’
Heerlijk, het is weer lente.
Een paar uur later: de temperatuur loopt op en mijn oudste van drie wil – hoe kan het ook anders met dit mooie weer – buitenspelen. Het prachtige voetbalveld ligt praktisch voor de deur en lonkt. Dus met zijn nieuwe Ajaxbal gaan we op pad. We slalommen tussen de verse en opgedroogde drollen tot bij de speeltoestellen als mijn ventje van drie turven hoog ineens bijna omver wordt gelopen door twee viervoeters op zijn ooghoogte. Hij zet het op een gillen en weet niet waar hij het zoeken moet van angst. ‘Ze doen niets hoor!’, zegt het opgedirkte bazinnetje. Als ik vriendelijk verwijs naar de ervoor bestemde losloopplaats haalt ze haar schouders op en sjokt al bellend achter haar stel jonge honden aan.
Allang blij dat de beesten op afstand zijn, neemt mijn kleine man een sprintje naar de wip en floep, daar ligt hij op zijn kont. Stront aan de knikker, da’s duidelijk! Ik snel naar hem toe en walg van het aangezicht: van zijn schoen tot zijn dij loopt een vers bruin spoor over zijn broek en het komt niet uit zijn luier. Een tranendal volgt; nog niet eens vanwege de poep aan zijn kleren, maar omdat hij nu nog steeds niet kan voetballen.
En terwijl ik in huis na de ‘verschoning’ alsnog een bakje troost overweeg, krijgen de poes en ik de schrik van ons leven als er ineens een teckel luid keffend ons huis binnendringt. Kat in de gordijnen, kind weer janken. En dan verliest moeder haar zelfbeheersing. Terwijl de zon schijnt en de eerste voorjaarsvogels fluiten kef ik tegen zijn geschrokken baasje: ‘Houd toch je schijthond bij je!!!’
Heerlijk, het is weer lente.
Locatie:
Vlaskamp, 1967 Heemskerk, Nederland
zondag 11 maart 2012
Geboorte
Vorige week trok ik na de wekelijkse yogales een inspiratiekaart voor de rest van de week. Ik doe het altijd met links, want in die hand zit je gevoel. Blind tastte ik door de kaarten en op ‘gevoel’ trok ik er een. Deze keer kreeg ik geen zin. Nee, slechts een woord. Geboorte!
Geboorte? Wat? Zwanger? Ik?
Nee lieve lezers! Helaas geen scoop. Manlief wil niet meer en daar werd ik deze morgen weer fijntjes en aan herinnerd.
Geboorte? Wat? Zwanger? Ik?
Nee lieve lezers! Helaas geen scoop. Manlief wil niet meer en daar werd ik deze morgen weer fijntjes en aan herinnerd.
Geboorte. Iets anders dat me later deze week te binnenschoot was wedergeboorte. Mijn sterrenbeeld – de schorpioen – staat erom bekend als een feniks uit zijn as te kunnen herrijzen. Cool, vond ik dat altijd. Dat herrijzen dan hè! Want dat as tot as worden? Oef, da's lang geen pretje. In het boek van Osho dat ik momenteel lees (Mosterdzaad), wordt ‘Jezus’ uit het stof gehaald en krijgt die herrijzenis of ‘wedergeboorte’ meer betekenis. Maar wederom blijkt die bereidheid om tot as te vergaan’ en te sterven, toch wel zo’n beetje het meest essentiële onderdeel van het hele verhaal.
Maar goed, mijn woord voor deze week was niet sterven maar geboorte. En toen vandaag de zon doorbrak, toen dacht ik daar weer aan. Alles kriebelde. De eerste warme stralen op mijn inmiddels bijna doorschijnende droge winterhuid vulden me met haast manische energie. In mijn hoofd stuiterde het van de plannen en ideeën om met van alles en nog wat aan de slag te gaan:
- opruimen (van de was, het rondslingerende speelgoed, de tijdschriften in de bak),
- schoonmaken (de badkamer, de vloer),
- tuinieren (waar liggen ook alweer mijn tuinmagazines),
- shoppen (ik moet echt nieuwe zomerjurkjes),
- koken (toch wel superhandig als ik al mijn voorjaarsrecepten in een apart boekje heb geplakt).
RUST
Want de natuur laat zich niet haasten. Dus vandaag, op de allereerste voorjaarsdag, deed ik uiteindelijk: Niets! Ik zat in de zon, ik genoot van mijn jongens die de hele dag buiten speelden, maakte een kop thee voor mijn ouders in de tuin, en beleefde geboorte. Ik beleefde de geboorte van de lente. Met volle teugen!
maandag 5 maart 2012
Elegant, deskundig en stijlvol
In mijn leven zie ik dat iedere periode wel een bepaalde kleurstelling kent. Mijn kinderkamer was sprankelend, zonnig en geel; ik open, onderzoekend en verlegen. Mijn tienerkamer voelde koel, rustig en onschuldig in lichtblauw en wit; ikzelf steeds meer impulsief, sociaal en extravert. Mijn eerste kamer in Amsterdam gaf ik een mengelmoes van pastels door alleen een grand foulard. Ik zocht naar een sterke kleur, maar vond een vriendje in extreem saai grijs.
Mijn volgende kamer betrok ik in een warme chaos, waar mediterraan terra samenging met donkerblauw en geel. Maar toen ik mijn eigen etage betrok, werd alles weer anders: de wanden helderwit en de meubels bordeaux en koloniaal bruin - waarschijnlijk onder invloed van een reis door Zuidoost Azië. Langzaam slopen in die tijd ook roze en magenta mijn leven binnen. En steevast waren mijn tulpen een mengeling van hard roze, fel geel, donkerpaars en sinaasappel oranje. Na iets meer dan twee jaar ging ik samenwonen met mijn lief, maar niet voordat zijn aardse terra week voor een gezamenlijke tint: mosgroen. Dat mosgroen werd zeegroen op een muur van bijna 5 meter - tegen veel zandkleur in gordijnen en vloerdelen - maar magenta is ook gebleven. En regelmatig sieren we het huis feestelijk op, met felgekleurde vlaggetjes, uitbundige bloemen en fluor tafelkleden.
Er zit meer in dan eruit komt
Maar wat zegt dat nu eigenlijk allemaal? Nou… heel wat dus, bleek uit een analyse door mijn kleurige schoonzus. Dat ik mezelf gedisciplineerd, betrouwbaar en expressief vind, kwam niet echt als een verrassing. Net zo min als dat anderen me als inlevend, attent en ‘levendig’ beoordelen. Maar aan het eind van de sessie bleek wat er op dit moment mist in mijn leven: bordeaux. Want ik wezen blijk ik elegant, deskundig en stijlvol. Nee, echt! En in plaats van als een gek te zoeken naar erkenning en gehoor, zal ik dus deze stijlvolle en warme kleur in mijn leven moeten toelaten zodat ik die kwaliteiten in mezelf kan erkennen. Misschien zal dat me dan brengen waar ik eigenlijk wil wezen!
Kinderlijk puur in bordeaux spencer
Labels:
bordeaux,
carocolour,
halftien,
kleur
Locatie:
Heemskerk, Nederland
zondag 19 februari 2012
If you can't beat them...
Irritant hè? Die vrouwen op de markt, in het winkelcentrum, op straat of op het perron, die met hun dikke reten in joggingpakken achter kinderwagens en met boodschappenkarren de gangpaden versperren. Daar staan ze dan, obstakels van twee of meer. Klepperdeklep en bladibla, zonder oog voor de haastende wereld om ze heen. Geen benul blijkbaar van de 'echte' wereld waar snelsnelsnel in hippe outfits en met rode lippen van afspraak naar afspaak word gehold om de dynamische wereld te verkennen. Zuchten, duwen, vuile blikken... niets kan de moekes in beweging krijgen. Ik kan het weten, ik heb het vaak genoeg geprobeerd. Herken je het? En heb je het recent nog meegemaakt? Grote kans dat je zaterdagochtend tegen mijn dikke reet bent aangebotst. En het enige dat ik je daarover kan zeggen is: wacht maar... jouw tijd komt nog wel!
Abonneren op:
Posts (Atom)


